Bejaarde moeders, een Joodse visie

Geschreven door Dayan mr. Drs. R. Evers

Indiase vrouw, 66, bevalt van een drieling

Als een oudere dame een kind wil, is de kritiek niet van de lucht. Tineke Geesink uit Harlingen beviel op 63-jarige leeftijd van een meisje. In India komen moeders van 70 voor. Leon Kass, voorzitter van de Amerikaanse presidentiële raad voor bio-ethiek zei het al: “Alle natuurlijke grenzen, die ons als menselijke wezens hebben gedefinieerd, staan ter discussie. De grens tussen mens en dier aan de ene kant, de grens tussen mens en supermens – of een god – aan de andere kant. De grenzen van het leven, de grenzen van de dood”.

The sky is the limit. Maar kunnen oma’s wel goed opvoeden? Een kinderpsychologe reageerde voorzichtig: “dat hangt van de omstandigheden af”. Onderzoek wijst uit, dat hier geen grote problemen te verwachten zijn. Tineke zorgt uiteraard voor een familiair vangnet als ze wegvalt.
Wie gaat dit betalen? Bij Tineke liet de Italiaanse arts Severino Antinori een donoreicel versmelten met een donorzaadcel. Implantatie volgde. De baarmoeder werd hormonaal geprepareerd, allerlei medische risico’s speelden op en een keizersnede was onvermijdelijk. Veel kosten voor de belastingbetaler. Drie ivf-behandelingen worden nog vergoed. Het invriezen van eicellen voor een uitgestelde zwangerschap – vitrificatie genoemd – soms ook. Een geraadpleegde arts wilde geen waardeoordeel geven over deze verlate kinderwens.

Tijd dus voor een duidelijker Rabbinale opinie. Ik ga uit van een gewoon Joods kinderloos ouderpaar. Hoewel het gemiddelde Joodse gezin in Nederland kleiner is dan het niet-Joodse, staat de kinderwens in het Jodendom centraal. Aartsmoeder Sara was 90 toen ze Jitschak kreeg en 127 toen ze overleed na het horen van zijn offerande.

Sommigen wijzen bejaard ouderschap af omdat deze wijze van omgaan met de levensorigine van de mens ‘tegennatuurlijk’ zou zijn. Wij kennen echter geen natuurwetdoctrine. Eigen eicellen invriezen voor latere zwangerschap als dat nu (nog) niet mogelijk is, is niet verboden. Nieuwe technieken moeten alleen aan de Tora worden getoetst. G’d heeft ons opgedragen (Exodus 21:19) om genezend te handelen, ook bij voortplantingsproblemen. Medisch ingrijpen vormt geen inbreuk op G’ds wereldleiding.

Genetische selectie?
Mogen reageerbuisembryo’s geselecteerd worden op genetische geschiktheid? Geven we hiermee geen voorzet voor het `kind op bestelling’? Conservatieve gelovigen zijn er vreselijk op tegen. We staan aan het begin van een biotechnologische revolutie. Voor therapeutische doeleinden is dit inderdaad een hoopvol toekomstperspectief. Maar ouders zullen met verlanglijstjes komen: blauwe ogen, hoog IQ. Alleen welgestelden zullen zich een tekentafelbaby kunnen veroorloven. Zo wordt de kloof tussen arm en rijk voortgezet in de genetische ’haves’ en `have-nots’. Maar wat is wijs? Vijfendertig jaar geleden reageerde iedereen ook panisch op IVF terwijl er nu al wereldwijd een miljoen reageerbuisbaby’s rondlopen.
Ouders hebben een Bijbelse verplichting om kinderen op de wereld te zetten. Ook als dat laat plaatsvindt, blijft ieder mensenleven een goede zaak. Niemand is volgens de Joodse wet echter verplicht tot kunstgrepen om kinderen te krijgen.
En hoe staat het met de rechten van de kinderen? Het Jodendom maar ook de Hoge Raad heeft geen ‘recht op niet-bestaan’ erkend, omdat het een fundamenteel recht van ouders is om te beslissen of kinderen al dan niet geboren zullen worden.

Wie is de moeder en wie de vader?
Wie is nu feitelijk de moeder? Ei- en zaadceldonatie worden niet eenvoudig goedgekeurd door onze Wijzen maar stel, dat het gebeurd is. Identiteitsproblemen doemen op. In Nederland is de barende moeder de enige echte moeder.
Stel dat de donormoeder Joods is en de dragende niet, of omgekeerd. Onze Wijzen hebben over de status van het kind nagedacht.
Vader wordt men vanaf de conceptie. Volgens rabbi Akiva Eger (18e eeuw, Hongarije) staat ook het moederschap vast met de conceptie. Maar rabbi Joseef Engel (19e eeuw, Polen) meent dat men pas moeder heet bij de geboorte van het kind. Volgens rav Engel is het kind uitsluitend familie van de barende moeder. Het kind zou theoretisch mogen trouwen met familieleden van de donormoeder (genetische problemen moeten uiteraard worden uitgesloten). Maar rav Eger zou dit laatste verbieden. Voor de zekerheid (lechoemra) mag de reageerbuisbaby later noch met familieleden van de donormoeder noch met die van de dragende moeder huwen.

Katholieke donormoeder
Als de donormoeder niet Joods is, en de barende moeder Joods, dan hangt de status van onze halachische visie. Huldigen we de visie, dat een embryo een ‘onderdeel’ van de uitdragende moeder wordt, dan is het kind automatisch Joods. Stellen we dat een embryo geen onderdeel vormt van de moeder – en dus niet automatisch haar status krijgt – dan zou de Joodse moeder zich zwanger onder rabbinaal toezicht van een Beth Dien van 3 dayaniem (rechters) in een mikve (ritueel bad) kunnen onderdompelen. Zo wordt haar vrucht onafhankelijk van de moeder Joods. Omdat de foetus minderjarig is bij de gioer, het Joods worden, kan hij/zij kiezen bij de bar- of bat-mitsva of hij/zij Joods wil blijven.

Problemen
Sommige psychologen vrezen voor een versplintering van het moederschap. Een kind uit een coöperatief voortplantingsproces kind heeft minimaal twee moeders: een genetische en een relationele. Het toelaten van een combinatie van sperma- met eiceldonatie introduceert een nog verdergaande versplintering.

Donatie van geslachtscellen is problematisch maar wordt – als het eenmaal gebeurd is – door de meeste Chagamiem (geleerden) niet gezien als een vorm van overspel. Het kind zal niet onwettig zijn omdat het hier een technische procedure betreft zonder geslachtelijke gemeenschap. Kunstmatige inseminatie met sperma van een donor wordt over het algemeen niet toegestaan omdat de identiteit van de donor meestal angstvallig geheim wordt gehouden. Men loopt het risico dat het kind later met zijn halfzuster of halfbroer – een kind van de donor – zal trouwen (incest). Het wordt tevens ongewenst geacht dat het kind zijn afkomst niet kent. Ook op het gebied van erfrecht ontstaan problemen. Voor de vader zal het kind nooit kunnen gelden als eigen kind, omdat het biologisch niet van hem afstamt. Gevoelsmatig kan dit natuurlijk anders liggen. De Joodse wet moedigt aan om kinderen in de familie op te nemen en hen te verzorgen. Maar een echte vorm van adoptie als in de Nederlandse wet kent het Jodendom niet.

©Dayan mr. drs. R. Evers